Ik begon rond mijn 9de met trommelen op lege fritessausemmertjes die ik om mijn nek hing en met houten pollepels bespeelde. Later ging ik trommelen bij het tienerkoor in de Groenestraatkerk te Nijmegen. Van de drummer van het jongerenkoor kon ik drumles krijgen en zo ging het van kwaad tot erger: Meespelen in een band van mijn 10 jaar oudere gitaarspelende broer, drumlessen en ensembles bij de Nijmeegse Muziekschool, conservatorium te Arnhem en daarna in diverse blues, rock en popbands gespeeld of nog bij aan het spelen.

Muziek maken is leuk, samen muziek maken is nog leuker, waar het stroef kan lopen in normale omgangsvormen met elkaar, zo makkelijk kan het zijn als je samen met iets als muziek maken bezig bent. Het leren bespelen van een instrument kan op heel veel manieren en is ook vaak gebonden aan het instrument en muziekstijl. Ik vergelijk muziekmaken met praten en vanuit dat idee geef ik ook het liefste les: Je leert eerst praten, en later hopelijk lezen en schrijven maar het kunnen praten staat voorop. Eigen inbreng van een leerling is erg belangrijk. Heeft hij of zij al een duidelijke muzikale voorkeur dan probeer ik daar op in te spelen. Een leraar kan een leerling motiveren maar andersom kan ook zeker het geval zijn.

Ik probeer van verschillende moderne technieken en media gebruik te maken: Naast een uitgeschreven opdracht in noten is het ook mogelijk een geluidsopname of een filmpje (met je smartphone?) van een bepaalde opdracht te maken.

Bij het les geven aan volwassenen merk ik dat het sociale gedeelte erg belangrijk is, volwassen voelen zich bij een groepsles vaak meer op hun gemak, hebben hun ambities al wat minder hoog liggen waardoor het plezier voorop staat wat er weer voor zorgt dat er toch vooruitgang in blijft zitten. Resultaat is mooi, plezier is beter.